BENSCHOP IN DE LOOP DER EEUWEN

XV. Het kerkhof

Voor 1829 werden de overleden katholieken begraven op het kerkhof van de Hervormde Gemeente of zelfs binnen de muren van de kerk. 
In de kerk liggen twee grafzerken, één bij de toren van Corn. Gorisen Boef, en de andere van Corn. Jacobse Klever in het koor, met als wapen een klaverblaadje. 
Eerst zou een gemeenschappelijk kerkhof gehandhaafd blijven, maar in 1828 heeft pastoor Smiets een gedeelte van de moestuin en de boomgaard bestemd voor een eigen katholieke begraafplaats vlak bij de kerk. 
De kerkenraad van de Herv. Gemeente verzette zich hiertegen bij request aan de gemeenteraad, waarin beweerd werd, dat door het niet begraven van de overleden katholieken in hun kerk, zij een verlies zouden lijden van meer dan f 60,- per jaar.
Pastoor Smiets berekende echter dat er van 17 april 1815 tot 27 april 1828 69 katholieken - de kinderen niet meegeteld - waren overleden. Dat was dus 5 a 6 per jaar.
De meeste van deze overledenen waren niet in de kerk begraven, maar op het kerkhof en enkelen zelfs buiten de gemeente. 
Bovendien was er 24 mei 1825 een verbod afgekomen, dat vanaf 1januari 1829 niemand meer binnen de muren van de kerk begraven mocht worden. 
De aanleg van ons kerkhof ging dus door en op 21 oktober 1828 werd het plechtig ingewijd. 
De eerste die er begraven werd was de oud-kerkmeester Théunis v. d. Steegt. 
1845 Werd pastoor Smiets begraven, op zijn verzoek temidden van de kinderen. 
1848 Werden rondom het kerkhof jonge iepen geplant. 
1855 De pastoor van IJsselstein Joh. van Lutterveld werd hier begraven, omdat er in IJsselstein nog geen katholieke begraafplaats was. 
In dat jaar werd er ook een nieuw houten kruis op het kerkhof geplaatst. 
1858 Werd tot groefbidder benoemd H. Lubrink. 
1860 Ook nu werd een pastoor uit IJsselstein hier begraven, de Eerwaarde heer Petrus van Antwerpen. 
1869 Dries Jansen werd doodgraver, een paar jaar later werd er voor hem op rekening van de kerk aangeschaft: een rok, korte broek en sokken, met dien verstande dat de kleding na gebruik in de pastorie bewaard moest blijven. 
1873 Pastoor Beukenboom werd begraven. 
1874 Na aanschrijving van de gemeente werd een nieuw baarhuisje gebouwd. 
1882 Besloten werd het kerkhof van een flinke laag zand te voorzien, maar omdat er moeilijk aan zand was te komen moest dit voorlopig uitgesteld worden. 
1883 Nieuwe omlijsting van het kerkhof, waarschijnlijk van Thuya's. 1885 Op het kerkhof werd een stenen voet gemaakt waarop het kruis kwam te staan. 
1888 Op een aanvraag van twee families, om een houten kruis te plaatsen op het graf van hun ouders, werd gezien de omstandigheden, afwijzend beschikt. Uit de op 22 december afgekondigde herziening van de belasting blijkt, dat het kerkhof en de grond bij de pastorie in gebruik, ook als belastbaar werd opgegeven. De pastoor zal een request indienen bij Gedeputeerde Staten met verzoek tot vernietiging van de schatting op grond van art. 15 van de wet van 1876. 
1892 Pastoor v. d. Griendt begraven. 
1894 Dries Jansen de doodgraver is overleden. Zijn zoon Chris volgt hem op. Hem werd tevens opgedragen het kerkhof bij te houden, de heg te scheren, de sloten schoon te maken en de wallen ie maaien. 
1916 Deken van Rossurn werd begraven. 1918 Het kerkhof werd groter gemaakt. 
1933 Pastoor H. van Meegeren begraven. Ook hij werd bij de kinderen begraven. 
1934 De haag van Thuya's langs het kerkhof werd vervangen door een beukenhaag. 
1935 Daar waarschijnlijk niemand van de familie der overledenen voor het kerkhof betaalde, werden er tarieven vastgesteld voor een le, 2e en3e klas begraafplaats. 
De beukenhaag werd versterkt door er palen met panlatten langs te maken. 
1938 Van het kerkhof en de graven werd een plattegrond gemaakt. 1940 De paden werden voorzien van een nieuwe grindlaag. 1949 Pastoor Benschop werd begraven. 
1982 Werd het kerkhof grondig opgeknapt. Grafzerken werden rechtgezet en de stenen schoongemaakt. Er werden nieuwe paden van grindtegels aangelegd langs de grafstenen. 
1984 Werd een kerkhof-reglement gemaakt en uitgereikt zodat iedereen nu weet hoe alles geregeld kan worden bij een overlijden.

[terug naar hoofdstuk 14] | [lees het volgende hoofdstuk] | [terug naar top] | [terug naar inhoud]

Samenstellers van deze tekst ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan van de kerk van de H. Victor zijn: F.T. Pastoors en G.J. Boere.

Bronnen:
Archief van de parochie van de H. Victor. Archief van de Gemeente Benschop. De Lopikerwaard deel 1 door W.F.J. den Uyl. De kerk der hervormde gemeente Benschop door J.G.M. Boon. Sprokkels uit de oude kerspel van Benschop door J.H. Hofman. Geschiedenis van het Katholicisme in de 16e en 17e eeuw door Prof. L.J. Rogier. Archief van de Gereformeerde kerk te Benschop.
Met dank aan degenen die voor fotomateriaal gezorgd hebben en heel in het bijzonder het
S
treekarchivaat Z.W. Utrecht.

F.T. Pastoors en G.J. Boere.