BENSCHOP IN DE LOOP DER EEUWEN

XVIII. De klokken

Begin maart 1897 kreeg de Deken van Jansje van Breukelen f3500,- en later nog eens fl 000,- voor de aanschaf van nieuwe klokken. 
De klokken werden besteld bij de Fa. Petit en Gebr. Edelbrock in Duits.land. 
Zaterdag 18 juni komen de drie grootste klokken per spoor aan in Utrecht. Schipper Arie van Iperen heeft ze per schuit van Utrecht naar Benschop gevaren voor f20,-. Donderdag 23 juni waren ze hier en werden ze in de kerk gebracht en in een stellage opgehangen. 
Donderdag 30 juni werden de klokken door de Deken gewijd met volmacht van de Aartsbisschop, die verhinderd was om te komen. De klokstoelen waren reeds in de toren geplaatst en op vrijdag werden ze omhoog gehesen en om 11.00 uur waren ze op hun plaats. 
De drie grootste klokken zijn ten geschenke gegeven door iemand die onbekend wilde blijven. 
De eerste klok woog 2274 pond en was gewijd aan St. Victor, het opschrift luidde uit het Latijn vertaald: "St. Victor eerbetoon, ons door zijn schutse 't Hemels loon". 
De tweede klok woog 1252 pond en was gewijd aan St.. Barbara, het opschrift luidde: "Gedenk uw sterven voor en na, mijn patrones is Barbara". 
De derde klok woog 904 pond en was gewijd aan de Maagd Maria, het opschrift luidde: "Geloofd Maria Maagd, zover mijn stemme draagt". De vierde, de Angelus-klok, woog 228 pond en was gewijd aan 
St. Anna, het opschrift luidde: "Anna heet ik, blijde groet ik mijn Dochter met haai Kind". 
De drie grote klokken waren gestemd op toonhoogte E, Gen A. 
10 Februari 1943 was een zwarte dag, de Duitsers kwamen de klokken uit de toren halen en zij wilden een gat in de toren slaan, en zo de klokken naar buiten laten zakken. 
"Bakker Boumans" stelde zich aan de Duitsers voor als "kerkmeester" en wist de Duitsers over te halen dit niet te doen. Hij wist ze te overtuigen dat binnendoor veel eenvoudiger ging. Zo bleef de toren in ieder geval gespaard. 
Er waren nog meer slimme mensen in Benschop. De gebroeders Goof en Ferdinand Terberg. Allereerst hadden zij voor de komst van de Duitsers alle waardevolle dingen zoals de grote zilveren kandelaars en datgene waar de Duitsers geïnteresseerd in zouden zijn op een veilige plaats opgeborgen. 
En na de roof van de klokken, vonden zij die stilte, geen ene klok meer te horen slaan, ook maar niks. Zij, toen nog smid, staken de koppen bij elkaar en wisten van de velg van een groot autowiel een pseudo-klok te maken die er zijn mocht.
't Geluid klonk ver over de polder heen. En wij Benschoppers waren wat trots op onze klok, die niemand in de omgeving bezat. 
Augustus 1945 kreeg men bericht dat in Groningen een partij klokken waren gevonden. Na informatie door pastoor Benschop bleek dat onze klokken er helaas niet bij waren. Onze klokken waren waarschijnlijk al naar Duitsland vervoerd en gesmolten in de fabriek van Krupp. Inderdaad werd dit op 25 april 1946 schriftelijk bevestigd. 
In november 1946 werd door pastoor Benschop een rapport geschreven aan de Schade-enquêtecommissie te Zeist. We hebben niet kunnen achterhalen wat voor een antwoord hierop is gekregen. 
In 1946 werd besloten voor het geblokkeerde geld nieuwe klokken te kopen. In augustus 1948 werden 3 nieuwe klokken besteld bij Petit en Fritsen in Aarle-Rixel. 

Op 6 augustus 1949 werden de nieuwe klokken afgeleverd. De eerste klok woog 1165 kilo en had een diameter van lf4 cm en is gewijd aan St. Victor. De tweede klok woog 717 kilo, had een diameter van 104cm en is gewijd aan Maria, de derde klok tenslotte woog 486 kilo en had een diameter van 93 cm en is gewijd aan St. Barbara. De toonhoogte is hetzelfde als van de geroofde klokken, n.l. E, Gen A. De totale kosten van de klokken bedroeg f 13.407 ,-. 
Aangaande de betaling van de klokken werd een voorlopige kwitantie gevraagd om het geblokkeerde geld vrij te krijgen. Na bezoek aan verschillende instanties is het pastoor Bachg tenslotte gelukt. 
Dus vanaf de tweede helft van augustus beierden de vrolijke klanken van onze klokken weer over Benschop. 
Tot slot; in 1958 heeft iemand die onbekend wenst te blijven ons een elektrische luidinstallatie voor de drie klokken geschonken en een automatisch apparaat voor het luiden van het Angelus, waarmee een bedrag gemoeid was van f 3000,-. Bedankt stille gever!

[terug naar hoofdstuk 17] | [lees het volgende hoofdstuk] | [terug naar top] | [terug naar inhoud]

Samenstellers van deze tekst ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan van de kerk van de H. Victor zijn: F.T. Pastoors en G.J. Boere.

Bronnen:
Archief van de parochie van de H. Victor. Archief van de Gemeente Benschop. De Lopikerwaard deel 1 door W.F.J. den Uyl. De kerk der hervormde gemeente Benschop door J.G.M. Boon. Sprokkels uit de oude kerspel van Benschop door J.H. Hofman. Geschiedenis van het Katholicisme in de 16e en 17e eeuw door Prof. L.J. Rogier. Archief van de Gereformeerde kerk te Benschop.
Met dank aan degenen die voor fotomateriaal gezorgd hebben en heel in het bijzonder het
S
treekarchivaat Z.W. Utrecht.

F.T. Pastoors en G.J. Boere.